dinsdag 11 oktober 2011

De dood des Heeren

Gepost door woorden van leven op dinsdag, oktober 11, 2011 0 reacties
7.
Lees 1 Korinthe 11 :17-34

Paulus spreekt hier over de gewoonte bij de eerste christenen om als ze samenkwamen regelmatig brood en beker met elkaar te delen.
Waar ik lang mee geworsteld heb, is vers 26.
Met het vieren van avondmaal verkondig je de “dood des Heeren”.
Hoe kan dat nu?
Het avondmaal gaat toch over de Opgestane Heer.
Het paaslam ging over het lijden en sterven en brood en beker over Zijn Opstanding.

Als je het begin  van het hoofdstuk en het vorige hoofdstuk bestudeert en ook wat Paulus in de Romeinen- en Hebreeënbrief daarover zegt, dan is de gedachte als volgt: Israël is voor ons een voorbeeld.
God had een huwelijksverbond (het oude verbond ) met Israël.
God de Man. Israël de vrouw. Israël hoefde het zaad (Woord) van de Man niet. Israël was ontrouw (ongelovig). God zei dat Hij een nieuw verbond zou maken. Hij zou als Man( en Maker van het testament of huwelijksverbond) sterven, zodat Israël, als vrouw, vrij zou worden van de Wet en zich zou kunnen binden aan een andere man, namelijk aan Degene die op zou staan uit de dood.

Dus met het vieren van het Avondmaal gedenken we dat de Heer Opgestaan is en dat we met Hem gemeenschap hebben, namelijk verbonden zijn in een Nieuw verbond en tevens verkondigen we dat de Testamentmaker van het Oude Verbond dood is en we dus vrij zijn van de Wet. Israël en dus de hele schepping is vrij van de Wet met als doel de Opgestane te kunnen dienen.

Dit sterven van de Heer betekent  ook de dood van ons vlees.
Als wij toch vanuit onze oude “ik” willen blijven leven, dan ontkennen we dat we een nieuwe schepping geworden zijn; dan ontkennen we de werking van het lichaam van Christus en onze deelname daaraan.
Dan onderscheiden wij het lichaam niet en dat noemt vers 29 “onwaardig eten”.  Zo’n houding zegent de Heer niet.

Wanneer je deelneemt aan brood en beker zou je jezelf moeten onderzoeken in hoeverre je tot opbouw van andere broeders en zusters wilt zijn. Anders kun je dit ritueel beter maar overslaan, want dan lieg je feitelijk.
 
handtekening

maandag 10 oktober 2011

De praktische betekenis van het Avondmaal

Gepost door woorden van leven op maandag, oktober 10, 2011 0 reacties
6.
Lees 1 Korinthe 10 : 14-22

Hier in deze hoofdstukken van de Korinthebrief legt Paulus uit wat het betekent onderdeel te zijn van Christus Lichaam.

Moet je je voorstellen. Op het moment dat je je leven aan de Heer geeft, dan wordt je onderdeel van Zijn Lichaam.
Hij is het Hoofd. Hoewel wij daar misschien niet altijd al te veel van zien gaat de Heer ons leven gebruiken net als een lichaam zijn delen gebruikt, als je beschikbaar bent voor Hem.
We zijn allemaal verschillend. Soms zal de Heer gebruiken waar we van nature goed in zijn of wat we leuk vinden.
Soms misschien, onverwacht, blijken we dingen te kunnen of doen of zeggen die we niet voor mogelijk gehouden hadden.
We komen in situaties die we zelf misschien helemaal niet uitgezocht zouden hebben.

Het is misschien niet zo leuk om te zeggen, maar in tegenstelling tot organen in ons lichaam kunnen wij de keuze maken om het Hoofd niet te dienen, hoewel we onderdeel zijn van het lichaam.

Als je dus brood en beker deelt met medegelovigen dan gaat het, net als in het Oude Testament bij het brengen van de offers, om je hart!
Je kiest er dan voor om gemeenschap te hebben met het Hoofd, Christus en met de andere broeders en zusters.
Anders heeft deelnemen aan het avondmaal geen enkele betekenis of nut. Gemeenschap hebben met broeders en zusters kan alleen op grond van het nieuwe leven.

Dat nieuwe leven is het bloed van het Lichaam van Christus.
Dat is de bloedband die we als kinderen van God met elkaar gemeen hebben. Dat betekent in de praktijk dat we al onze broeders en zusters zouden accepteren als “familie”.
En net zoals bij aardse familiebanden gaat één en ander niet vlekkeloos.
Maar als je het doel in het oog houdt, dat de Heer ons allen op wil laten groeien, dan kun je die ander ruimte geven en kun je je dienstbaar opstellen naar die ander toe.
handtekening

zondag 9 oktober 2011

Betekenis van het Avondmaal

Gepost door woorden van leven op zondag, oktober 09, 2011 0 reacties
5
Lees Matthéüs 26 : 26-31

Eigenlijk is de term “Avondmaal” niet helemaal Bijbels correct.
Er wordt zoal gesproken over “brood en beker”, breking des broods”
en “brood en wijn”. Eigenlijk is het geen echte maaltijd.
Het  is symboliek. Het paaslam is geslacht en gegeten.
Overdrachtelijk heeft de Heer geleden en is Hij gestorven.
Wat er over is op de tafel is ongezuurd brood (al het gist was immers weg), wijn en nog wat kruiden.

In ons schriftgedeelte is het de avond voor de kruisiging van de Heer.
Hij wist wat er zou gebeuren (Zijn kruisiging) en wil de discipelen symbolisch laten zien wat er daarna zou komen.
De discipelen begrepen dat toen niet. Later wel.

Hij neemt het brood, zegent het en zegt dat het Zijn Lichaam is.
Dit duidt op Zijn Lichaam, de Gemeente, waarvan Hijzelf het Hoofd is.
Alle gelovigen verenigd in één lichaam met Christus.
De wijn is het bloed van het Nieuwe Verbond.
Let op: het NIEUWE Verbond.

Het paaslam was geslacht als onderdeel van de Wet (het Oude Verbond). Dat is nu voorbij. Nu komt het Nieuwe Verbond.
Een verbond van vrede, een eeuwig verbond.
Het Oude Verbond was op het vlees gelegd.
Geen mens kon zich daar aan houden en dus veroordeelt het Oude Verbond. Het Nieuwe niet. De oude mens wordt immers door God dood gerekend en God ziet de nieuwe mens(Christus in ons, de Heilige Geest) aan. De nieuwe mens leeft voor Hem, daar rekent Hij mee.
Het Nieuwe Verbond geeft nieuw en volmaakt opstandingleven.
Dat is niet te veroordelen; het is volmaakt.
Daarom is het Nieuwe veel beter dan het Oude.

De Heer laat door de tekenen van brood en beker zien dat Hij weliswaar eerst zou sterven (Paaslam), maar dat Hij op zou staan uit de dood en dat zij (zijn discipelen) Zijn Lichaam zouden gaan vormen en Zijn Leven zouden krijgen. En dit geldt voor elke gelovige.
Ook voor jou en mij.
handtekening

zaterdag 8 oktober 2011

De christelijke levenswandel

Gepost door woorden van leven op zaterdag, oktober 08, 2011 0 reacties
4
Kolossenzen 3 : 1-17

De christelijke levenswandel

Paulus legt uit hoe dat nu precies zit met de zonde.
God rekent onze zonde(n) niet toe.
Onze “oude” ik is gestorven en begraven met Christus.
Het paaslam is geslacht. Het Lam Gods dat de zonde der wereld op Zich genomen heeft is gestorven. Het gist is weg. Er is geen straf meer.
Hij droeg de straf.

Door geloof (je zegt dat je Jezus als Verlosser accepteert) ben je door de deur met het bloed (een beeld van de Heer die opstond uit de dood) het veilige huis binnen gegaan ( beeld van het Koninkrijk van God ).
Je hebt leven gekregen dat nooit meer voorbij gaat, je hebt Zijn leven gekregen. God heeft ons, door ons Zijn leven te geven ( de Heilige Geest), bekwaam gemaakt om Hem te kunnen dienen.
Vanuit onszelf kunnen we dat eigenlijk niet.
Hij wil ons gebruiken in Zijn dienst en als wij beschikbaar zijn, zal Hij dat Zelf in en door ons heen doen.

Dat is voor ons allemaal verschillend.
We zijn in een leerschool.
We zijn niet perfect, integendeel het blijkt al snel dat hoewel God onze “oude” ik rekent als dood, die “ik” voor ons nog steeds springlevend is.
Elke dag moet je als het ware keuzes maken wie je dient.
God rekent niet meer met het “oude”.
Wij moeten ook leren dat af te leggen (dat doe je immers met een lijk).
Je kunt je wel goed voorstellen dat zelfs iemand als Paulus wanhopig uit kan roepen: “ik ellendig mens.”
Wat hij wil dat doet hij niet en wat hij niet wil dat doet hij.

Misschien een schrale troost, maar als je echt God wil dienen, doet Hij uiteindelijk alle dingen medewerken ten goede.

Toch kan God een gelovige gaandeweg veranderen.
De zonde hoeft geen allesoverheersende macht te blijven in het leven van een gelovige.
Vertrouw maar op de Here Jezus, Die leeft en in de hemel voor jouw heiliging zorgt. Hij is de overwinnaar!
Bedenk de dingen, die boven zijn.
Het bloed van het Lam (het leven van het Nieuwe Testament) heeft grotere kracht dan je denkt.

handtekening

vrijdag 7 oktober 2011

Betekenis van het Pascha

Gepost door woorden van leven op vrijdag, oktober 07, 2011 0 reacties
3.

Lees : Exodus 12 : 16-28

Het Paaslam is een beeld van de Here Jezus.
Om te zorgen voor verlossing ( vrijheid, leven ) moest Hij sterven.
De Israëlieten moesten een lam tot zich nemen, opeten.
Dit betekent overdrachtelijk dat ze de Here Jezus moesten aanvaarden.
Daarna werd het bloed van het lam op de deurpost gesmeerd.
Het leven van het lam ging naar de deur.
Dit is een beeld van de opstanding van de Here Jezus.
Hij stierf, maar bleef toch verder leven. (Bloed is een beeld van leven, bloed hoor je eigenlijk niet te zien, het brengt de voedingsstoffen, zuurstof en energie, naar al je organen en voert de afvalstoffen weer af.
Op het moment dat je bloed ziet kan het dus niet meer doen wat het eigenlijk moet doen. Je moet bloed dus niet koppelen aan dood.)

De deur werd een levende deur.  Achter deze deur, in het huis, was men veilig voor de engel des doods en ging het oordeel hen voorbij.
De met bloed ingesmeerde deur was het bewijs van hun geloof.
Als er bloed op de deurpost zat, was er leven. Het eerstgeborene ging dan niet dood. Het oordeel over Egypte ging hen voorbij. (“Pascha”betekent voorbijgaan.) De volgende morgen was diezelfde deur de weg naar de vrijheid. Later zegt de Heer van Zichzelf dat Hij de Deur der schapen is (beeldspraak uiteraard).

Het Pascha spreekt dus overdrachtelijk over de dood en opstanding van de Here Jezus, waardoor verlossing uit slavernij (van de wet, de zonde en dood) mogelijk werd.

Verder moest het gist weg. Gist is een beeld van ongeloof, zonde en valse leer. Door het werk van de Here Jezus is hier mee afgerekend!

Betekent dit nu, dat als je gelovig bent, de zonde weg is? Morgen gaan we hierover verder.
handtekening

donderdag 6 oktober 2011

INSTELLING VAN HET PASCHA

Gepost door woorden van leven op donderdag, oktober 06, 2011 0 reacties
2.

Lees: Exodus 12 : 3-9

Zo’n 300 jaar na de roeping van Abraham kwam er een hongersnood in het Midden-Oosten. De twaalf zonen van Jacob (de kleinzoon van Abraham) die inmiddels uitgegroeid waren tot twaalf stammen trokken naar Egypte. Daar was nog wel eten (daar had Jozef voor gezorgd; zie de geschiedenissen in Genesis). Het volk werd in Egypte zeer talrijk. Zo’n 500 jaar na de roeping van Abraham (circa 1550 v. Chr.) werd het volk zo talrijk dat de Farao bang werd dat, als hij aangevallen zou worden en Israël  de zijde van het aanvallende land zou kiezen, hij echt een probleem had. Hij maakte hen tot slaven. En toen ze nog steeds talrijker werden gaf hij het bevel alle jonge jongetjes te laten doden om de bevolkingsgroei in te dammen.

Toen riep God een man genaamd Mozes om het volk te verlossen uit Egypte. De farao wilde het volk niet laten gaan (weg goedkope arbeidskrachten) en de Heer zond 10 plagen over het Egyptische volk. Bij de laatste plaag zou God al het eerstgeborene (van mensen en dieren) in Egypte doden.

Om er voor te zorgen dat dit bij Israël niet zou gebeuren, moesten ze een lam in huis halen, dit slachten en vervolgens het bloed van het lam op het kozijn van de deur smeren. Ook moest al het gist weggedaan worden uit de huizen. Deze instelling heet het “Pascha”.

Zoals gezegd heeft alles een betekenis. Het ging God niet slechts om het letterlijk slachten (hoewel dit wel moest gebeuren) maar veel meer om de betekenis. Het is duidelijk dat het in deze geschiedenis aan de ene kant gaat over dood, maar ook over leven.

handtekening

woensdag 5 oktober 2011

NIEUWE INSTELLINGEN

Gepost door woorden van leven op woensdag, oktober 05, 2011 0 reacties
1

Lezen: Matthéüs 26 : 17-19, 26-30
De Here Jezus Christus heeft twee instellingen gegeven.
De doop en het avondmaal.
Zowel doop als avondmaal hebben een betekenis en bepalen ons bij de Heer, die voor ons onzichtbaar is.
Het is niet zo dat je je letterlijk moet laten dopen ( omdat je anders niet behouden zou zijn ) of dat je elke week avondmaal moet vieren.
Het is wel zo dat er een heel rijke betekenis aan beide rituelen vast zit.

Hoewel beide sacramenten, zoals ze ook wel genoemd worden, nieuwe instellingen zijn, zijn ze toch ook weer niet helemaal nieuw.
Ze zijn beide nauw verbonden met wat we leren vanuit het Oude Testament. De doop grijpt, bijvoorbeeld, terug op de verlossing uit Egypte door de Schelfzee heen.
Het avondmaal grijpt terug op de instelling van het Pascha bij de uittocht van Israël uit Egypte. 
Daarover morgen meer.
handtekening
 

Woorden van Leven Copyright © 2011 Woorden van Leven Blog is Designed by MMDesigns Inspired by BTemplates